Saai maar subliek theater over existentiële leegte

Verschenen in Trouw Door Sara van der Kooi

'We arrr no rrrreall captains, no, we arrr Greeek actorrrs. We have to look rrreliable and rrrradiate autorrrity.' Met een vet Grieks nep-accent, witte kostuums, dikke opplaksnorren en warrige pruiken vertellen de vijf nep-kapiteins over hun rol op het cruiseschip en waarom zij als professionele acteurs dit rotbaantje hebben aangenomen.

Het is een bij vlagen hilarische scène in de voorstelling 'Superleuk, maar voortaan zonder mij' van theatergroep Wunderbaum. Een verder vooral saaie voorstelling over het leven op een cruiseschip, vol vermaak, glitter en glamour, vol dingen die zogenaamd leuk en ontspannend maar in wezen saai en geestdodend zijn.

De film op het achterdoek laat vooral veel suffende, slapende mensen in strandstoelen zien. Naast de zee, bij het zwembad, in de lounge. Er is voldoende vermaak: sauna, pedicure, casino, karaoke, excursies, discotheek, op een cruise is alles mogelijk. Maar wat cruisegangers het meest lijken te doen is hangen, suffen en dutten. De ultieme ontspanning, toch?

Theatercollectief Wunderbaum maakte er een - naar eigen zeggen - ironieloze voorstelling over. Theater zonder ironie, kan dat wel? En is dat interessant? De Wunderbaumers volgden in de voetsporen van de Amerikaanse schrijver David Foster Wallace (1962-2008), die op Caraibische cruise ging en daar een venijnig en hilarisch journalistiek essay over schreef, vertaald als 'Superleuk, maar voortaan zonder mij'. Foster Wallace was tegen (zelf)ironie; het zou in onze postmoderne tijd de existentiële leegte alleen maar vergroten. Empathie en oprechtheid waren volgens hem nodig om de mensheid te redden.

Dat inspireerde spelers van Wunderbaum. Zij scheepten ook in op een cruise, een weekje op de Noordzee. Overdag verzorgden ze de animatie en op een avond deden ze een (mislukte) activistische performance. Hun ervaringen verwerkten ze in dit theatrale verslag.

Te triest om grappig te zijn

'Superleuk, maar voortaan zonder mij' is een bizarre voorstelling geworden, even saai, hilarisch, tenenkrommend en treurig als de cruise-ervaring geweest moet zijn. Ze spelen enkele personages uit Wallace's boekje. Het Filippijnse kamermeisje, de alles filmende man, het strontverwende en doodverveelde pubermeisje, de blije dienstbare kelner. Allemaal zeer serieus genomen, deerniswekkende personages, bijna te triest om grappig te zijn. Gelukkig maakt meespelend muzikant en slagwerker Jens Bouttery live een interessant geluidsdecor vol zeegeluiden en scheepshoorns. Want voor de rest is de voorstelling vrij saai, leeg en ongemakkelijk. Zo weet Wunderbaum haar impressie van een cruise op nogal sublieme wijze over te brengen en trekt ze en-passant een lange neus naar het theaterpubliek dat ook altijd maar vermaakt wil worden.